Daarnet op een website gestoten met niets anders dan de verschillende korte tussenfilmpjes van de BBC. Je weet wel, die dingen die ze tonen om de zender een bepaalde identiteit te geven.
Ik ben altijd al zeer onder de indruk geweest van de klasse en toch grote creativiteit die een BBC 2 kon etaleren. Ik herinner me zelfs de momenten dat ik meer dan bijzonder genoot van het muziekje van BBC World toen de overgang van programma a naar programma b iets langer duurde dan voorzien en we een paar minuten van de tune (in handige remix vorm) konden aanhoren.
Ik vraag me af of dit ook ergens bestaat van onze staatszender. Ik ben nog altijd helemaal niet gewoon aan de look van “een”. Canvas met hun boot en boom vind ik daarentegen wel best te pruimen. Ook graag nog eens het gigantische zware melodietje van “Het Nieuws” ergens in de jaren tachting, je weet wel, met die donkere achtergrond en opengeklapte vierkantjes, toen Bavo nog jong en provocerend (cfr. De Croo en de Herald of Free Enterprise) was.
Ik kan me hen nog op verschillende fronten actief herinneren maar dan vooral de Marcel solo.
Roodvonk heeft hem bij mij geïntroduceert met zijn op zijn zachts uitgedrukt vrij herkenbaar stemgeluid en toch ook wel een beetje zijn licht gestoord gedrag.
En ongeveer terzelfder tijd de muziekjes. Een eerste confrontatie in de slaapkamer van mijn buur annex neef (of is het andersom) waar het melodietje en de ietwat bizarre tekst mijn veel te jonge brein al niet meer kon verlaten. En zeggen dat “Dat dag” volledig zonder medeweten van John Terra de wereld werd ingestuurd.
En dan het even fantastische Elektron. In die tijd heeft me dit programma meer dan om het even wat kunnen boeien. En dan het stukje met de Hermannen (Bart Peeters, Hugo Matthyssen en natuurlijk Marcel Vanthilt) waarin ze volgens mij de fundamenten van het Leugenpaleis
Maar Arbeid Adelt zelf heb ik altijd en nog steeds leuke gestoorde muziek gevonden. Niet onmiddellijk om heelder dagen naar te luisteren maar het blijft soms wel iets langer hangen dan gewenst.
Fien is al een tijdje, met wisselend succes, aan het turnen geslaan en vanavond was het haar grote vuurdoop: haar eerste optreden voor meer dan een handvol familie.
De inhoud: wat vrij leuke danspasjes, sprongetjes en buitelarijen en dat op niets minder op de muziek van The Cure en Lovecats.
The Who komt binnenkort naar Antwerpen en de allertrouwste fans van het eerste uur hebben zich dan ook even verenigd om hen met het passende eerbetoon te begroeten.
Vanavond – eigenlijk gisteravond – Mayumana gezien. Helemaal niet slecht en perfect wat de reclamefilmpjes je doen geloven wat er allemaal te beleven valt.
Het enige probleem van het optreden is dat de spanning ongeveer drie keer zo lang duurde als het reclamefilmpje en het spitse er vrij snel af was.
Nu hadden ze het wel goed gevonden om in het laatste kwartier toch nog een paar nieuwe elementen en de beste ritmes boven te halen zodat we toch nog met een relatief goed gevoel de zaal hebben verlaten. Het was toch de moeite om het een keer te zien maar een tweede keer laat ik deze keer kelk aan mij passeren.
En daarna, heel eventjes toch, genoten van het nachtleven van Oostende in de bewuste Lange Straat (je weet wel, die van de sigaret en de moord enzo) en nog nooit zoveel patrouilles op zo een korte tijd zien passeren. Als er geen wagen of mannen te voet begeleid door honden passeerde om de vijf minuten, dan was de frequentie nog hoger. Blauw op straat is ok, meer blauw op straat is ook nog goed in bepaalde gevallen maar teveel is toch teveel. Ik ga nu ook niet onmiddellijk beginnen van provocatie enzo…
Gisteren en vandaag heb ik me weer eens stevig laten gaan met mijn Mike Oldfield collectie.
Tubular Bells Rules!
Als ik geen tien verschillende versies van Tubular Bells gehoord heb, waren het er geen. En aangezien ik toch dringend aan een goeie beltoon was, heb ik maar de originele intro omgezet in een mp3 en onmiddellijk naar de Pearl overgezet.
En dan hoort Fien een tijdje later mijn eerste inkomend gesprek en wordt ze – dichterlijke overdrijving – onmiddellijk wild en insisteert ze op het herhaaldelijk afspelen van het melodietje op mijn GSM. Maar toen ik het Part 1 volledig liet afspelen werd ze nagenoeg nog wilder met de eindclimax, waar de master himself, alle instrumenten benoemt eer hij ze bespeelt. En eerlijk gezegd, ik heb meer dan gigantisch van haar enthousiasme genoten!
De Laatste Show met Joe Cocker. Frieda Van Wijck zegt dat er heel wat mannen hem dankbaar zijn voor zijn song “You can leave your hat on” en hij stemt toe. Terwijl dit een nummer is van Randy Newman!
Schande en waardeloze research die mannen van Woestijnvis. Nu stellen ze me echt wel telleur.
Het origineel vond ik niet onmiddellijk terug in videoversie op het grote Internet (ondanks mijn 9 1/2 minuten zoekwerk), dan maar de bekende versie dankzij het eerder flauwe Nine 1/2 weeks (ook al vond ik dat met mijn veertien jaar een goeie film, maar daar zitten mijn puberjaren waarschijnlijk voor iets tussen en niet de fantastische dialogen).
Zo is er op dit eigenste ogenblik gewoon niets op tv die me langer dan een kwartier kan boeien. Dat kan natuurlijk aan de programma’s an sich liggen.
Zo ben ik zappendgewijs op ARD 1 terechtgekomen waar zomaar op mijn nuchtere maag van die Zwitsers/Duitse hoempapa muziek in mijn maag gesplitst wordt.
Het is niets minder dan Musikantenstadl gepresenteert door de immer en niet te vermoeien Andy Borg.
Naast een tot de nok gevulde zaal – geen idee hoeveel mensen er daar binnen zatten, maar als je mij zegt dat het er 10 000 zijn, zou mij dat niet verwonderen – met bierdrinkende, handenklappende Zwitsers (de opname was in Basel).
Daarnaast ook de verplichte carnavaleske fanfares zien passeren – dat zal een deel wel met de tijd van het jaar te maken hebben maar ik durf er mijn kop op verwedden dat er wel meer van die fanfares tussenzitten – en de internationaal in Duitsland en Zwitserland op de handen gedragen artiesten.
En dan nog een iets minder James Last achtige versie van The Lonely Shepherd op trompet (of het uitdagend was, of de trompetist een uitschuiver maakte was me niet helemaal duidelijk), maar toen hij zijn trompet van zijn mond naam en ik nog een seconde hem door hoorde spelen, werd het me toch duidelijk dat het playback was.
Quo qu’il en soit, te slecht voor goed te zijn, niet slecht genoeg voor een parodie van zichzelf te worden. Maar toch wel een paar keer goed gelachen en zeker met het valse serieux van Die Zillertaler.
Niet dat het origineel zo ongeloofelijk fantastisch is – alhoewel ik dit ooit zo vond maar alles wel in proportie genomen vind ik het gewoon niet slecht – maar het resultaat maakt toch wel ongeveer heel den boel kapot.
En dan weten dat er een hoop mannen straks (jaja mannen) denken dat bij het horen van Pink Floyd het een platte cover is.
Het is weer zover. Op radio 1 is er vandaag van net voor de middag tot in de avond 1 op 100.
En ik heb geluk dat mijn madam de nog ontbrekende kado’s aan het zoeken is buitenshuis en daar heel wat tijd voor nodig heeft. Gevolg is dat de radio iets luider staat dan gewoonlijk. Fien en Tijs maken daar absoluut geen enkel probleem rond.
Ondertussen heb ik wat opgeruimd, wasmachine gevuld, droogkas geleegd, eten gemaakt – voor de eerste keer in mijn leven, denk ik toch, ajuinen geblancheerd en worteltjes klaargemaakt – en samen met de kinderen verorberd, Tijs in bed gestoken en nu nog wat verder werken aan de updates op de website van de 2daagse.
Is het nu echt spannend? Bwah nee, gewoon ongeloofelijk leuk om zo eens een acht uur aan een stuk alleen maar Belgische nummers te horen.
En altijd weer verrassend hoeveel goeie Belgische muziek er eigenlijk bestaat. En de lijst zelf, die kan je in stukken van tien raadplegen op de website van Radio 1. Nu kan je ook de “nieuwe” live stream speler van de VRT starten en daar krijg je iets meer te zien dan enkel de lijst. Je ziet ook iedere keer het volgende nummer wat altijd een tipje van de sluier oplicht.
Benieuwd of dit blijft duren tot en met nummer twee.
En toen waren we nog jong, vitaal, wild en een gevaar op de iets te poppy fuifjes.
Nu luisteren we gewoon naar alles van AC/DC in een zo kort mogelijke tijd en maken vrij snel de bedenking dat de vroegere nummers toch beter waren: minder hard maar meer echte rock.
Nooit gedacht dat ik een AC/DC collectie nog eens zo goed als volledig tot mij zou nemen.
Kijk, Willy’s en Marjetten vind ik soms echt wel leuk maar even vaak gewoon niets en een ander derde niet slecht maar niet af genoeg.
Het onderstaand is zo een fragment die wreed goed is, met uitzondering van de laatste twee minuten. Die twee waren er wel teveel aan.
En wat er goed aan is, is de grote herkenbaarheid in de familie en kenissen. Tuurlijk de teksten en het hoog tempo van de nummertjes en aan wie het opgedragen werd.
Daarnet op Studio Brussel – de zender die bij wijze van spreken obligatoir opstaat in de bureau maar voor de helft van de tijd meer op mijn zenuwen werkt dan bijdraagt tot een aangename sfeer – hoor ik de volgende aankondiging:
En na het nummer nog eens Jools Holland extra bejubelen als “Wat Jimi Hendrix deed met zijn gitaar doet Jools Holland met zijn piano.”
Misschien toch eens vragen dat Christophe Lambrecht wat meer de teksten en muziekkeuze voorziet voor iets minder genietbare mensen als Peter Van de Veire enzo.
Vandaag onmiddellijk na het werk winkelwaarts getrokken om de miskoop van gisteren figuurlijk door te spoelen met een nieuwe aankoop.
Resultaat is – na een stevig anderhalfuur wikken en wegen – een grote doos op zolder en een genietbare Philips 32PF7411.
Het grote verschil met de Samsung van gisteren is niet alleen het feit dat we hier niet spreken over een 37 inch maar een 32 inch beeld, maar ook de beeldkwaliteit, de kleuren en vooral de toegankelijkheid van de menu’s is een stuk beter.
Op dit eigenste moment aan het genieten - aan het spreken over de kwaliteit en niet zozeer over de inhoud van het programma – van Beauty en de Nerd.
Wat iets minder goed is aan de klankkwaliteit. Het klinkt allemaal een beetje plastiek en je hebt continue het gevoel dat er ergens iets zou kunnen meetrillen; hoewel dit echt niet zo is. Je kan verschillende instellingen kiezen à la theater, spraak, muziek maar dat maakt eigenijk allemaal niet veel uit. Het is duidelijk de bedoeling het geluid te koppelen aan een home cinema installatie, maar dat betekent weeral een extra afstandsbediening, tenzij ik natuurlijk er eentje aanschaf (wat ik al eerder zei).
Ik kan haast niet wachten – maar zal helaas wel moeten wachten tot een beetje meer tijd enzo – om de volledige setup af te maken.
En misschien toch maar overwegen om een Telenet Digitaal aan te schaffen een keer dat de digicoders een beetje goedkoper geworden zijn. €199 is me nu nog net ietsje te veel hiervoor.
Het is al een tijdje dat ik bijzonder gefascineerd ben door de wiskunde in de muziek. En ik weet dat ik zeer zekers niet de enige ben.
Zo ben ik nog altijd ongeloofelijk geboeid door de Clapping Music van Steve Reich, maar gaat al evenveel auditieve en algehele bewondering uit naar een Philip Glass waar hij me absoluut wist te bekoren met zijn Music with Changing Parts, hoewel Glass eerder dan Reich ook het melodieuze nastreeft.
En net nu vind ik deze fantastisch fascinerende site waar het auditieve aan het visuele gekoppeld wordt. Vele dingen worden duidelijk op die manier. Als je tijd genoeg hebt, kan je perfect horen hoe eventuele emotie opgeroepen wordt door een perfecte timing en niet meer dan een aantal tonen tegelijkertijd. Verdubbel dit aantal tonen (er zijn meer dan tien variaties op het zelfde principe terug te vinden hier), dan krijg je direct andere stemmingen. Reken wel dat a) een volledige doorstroom 3 minuten duurt, b) er meer dan 10 variaties de moeite waard zijn en c) je eventuele huisgenoten – pure praktijkervaring – dit niet altijd naar waarde weten te schatten.
Is het het vallen van het blad, de donkere dagen of gewoon het feit dat Allerzielen voor de deur staat, maar blijkbaar zijn er heel wat mensen bezig met hun afscheid.
Zo las ik een tijdje geleden bij Michel over zijn immer wijzigende lijst van nummers voor bij zijn publiek afscheid, maar er bestaat zelfs zoiets als een top 50 van de meest gebruikte nummers.
Vandaag in De Standaard kan je een tipje van die top 50 terugvinden (alhier). Wat mij inorm verbaast aan de ene kant is dat er toch wel nummers tussen staan die ook wel ergens in mijn playlist voorkomen en langs de andere kant dat dit duidelijk geen lijst is die samengesteld is gebaseerd op de realiteit maar eerder op de dertiger en veertiger zijn smaak.
Time to say Goodbye (Andrea Bocelli & Sara Brightman)
One Word (Anouk) FYI: een bevraging door Dela, een firma met Hollandse roots.
The Rose (Bette Midler) Als het maar de versie van Bette Midler zelf is.
The power of love (Celine Dion) No comment, echt waar, breek mijn bek niet open.
The road ahead (City to city)
Afscheid van een vriend (Clouseau) Zou het kunnen dat, doordat Koen Wouters het gezicht geworden is van de firma die de bevraging deed, dat dit het effect is?
Heroes (David Bowie) Wat doet dat hier op acht! Niet te doen. Ik heb een meer dan stevig vermoeden dat de bevraging echt niet representatief was.
Non, je ne regrette rien (Edith Piaf) Tuurlijk dadde!
Candle in the wind (Elton John) Ik kan begrijpen dat er mensen dit mooi vinden, echt waar! En zelfs emotioneel worden met Familie enzo, geen zever.
Een tijdje geleden heb ik ook mijn lijstje samengesteld. Nu moet ik eerlijk bekennen dat het eerder een avondvullende show zou worden van een stevige drie uur. Er zijn wat nummers tussen die mij de laatste tijd echt wel kunnen beroeren zoals een Nick Drake met Northern Sky.
En een beetje eigenaardig maar al een vast gegeven van uit mijn jeugd is Als ik doodga van Urbanus. Ik vond dat al een bijzonder eigenaardig nummer die mijn aandacht volledig kon vasthouden toen ik het voor de eerste keer hoorde: 12 jaar een vier maand. Ik heb het album 3 sprookjes gekregen voor mijn Heilig Vormsel of Plechtige Communie zoals we toen nog pleegden te zeggen. En buiten dat nummer lag het album toch wel in mijn bovenste schuif gewoon omdat er in het album nog een boekje zat met drie door Urbanus geschreven sprookjes waarvan ik me nog levendig het verhaaltje van het zeemzoete meisje.
Van kindsbeen af al gefascineerd geweest door alles wat percussie is. Ik heb zelfs een stuk tamboer gespeeld in niets minder dan de Koninklijke Fanfare Sint-Cecilia Zarren-Werken die dan later de Marching Drums geworden is. En in alle eerlijkheid, het was best leuk. Een paar jaar later heb ik echter mijn stokken aan de wilgen gehangen wegens gewoon geen tijd meer om te oefenen – internaat, je weet wel.
Rond diezelfde periode, ik moet dan een jaar of 10 zijn, kennisgemaakt met Edinburgh Military Taptoe. Uren kon ik zitten kijken naar die dingen en het was meer dan 100% genieten. Dit echter niet altijd tot volle vreugde van mijn huisgenoten.
Trouwens daar ook de live versie helemaal live zelfs gezien van Tubular Bells II van de vergane glorie Mike Oldfield.
En dan vandaag bij een YouTube alike deze clip gevonden. Ikke met mond open en vol nostalgische herinnering gekeken.
Na wat speurwerk gevonden dat dit de Top Secret Drum Corps uit Zwisterland waren – de vlag heeft hen verraden, echt waar; en nog meer moois gevonden op YouTube.